Het probleem ligt niet bij Aquaduin. Vermoedelijk is er een probleem met de boiler, verwarmingsketel of warmtepomp. Contacteer je loodgieter of cv-installateur.
Bezorg Aquaduin zo snel mogelijk:
Gebruik hiervoor het formulier op onze website.
Je aanvraag wordt onderzocht en je krijgt schriftelijk antwoord. Intussen betaal je best de factuur of vraag je een afbetalingsplan aan.
Sluit alle kranen en toestellen af en kijk of je watermeter blijft draaien.
Bij digitale meters kan je dit ook opvolgen via het e-loket of het display.
Wordt er toch nog verbruik gemeten, dan heb je mogelijk een lek.
Vaak ligt de oorzaak bij een toilet dat blijft doorlopen, een boiler of een ondergrondse leiding.
Voer zeker ook de lekcheck uit.
Ja. Denk je dat je meter verkeerd meet, dan kan je een officiële controle aanvragen.
De meter wordt dan verzegeld en onderzocht door de Metrologische Dienst van de FOD Economie. Is de meter foutief, dan zijn de kosten voor Aquaduin en wordt je factuur herberekend. Is de meter correct, dan betaal je zelf de controlekosten.
Ja. Digitale meters kunnen waarschuwingen uitsturen bij:
Als je deze meldingen activeert via het e-loket, krijg je automatisch een e-mail of sms bij een mogelijke lek.
Ja, dat is mogelijk.
Volgens de Vlaamse regelgeving kan je een gedeeltelijke kwijtschelding van het meerverbruik krijgen bij een verborgen lek, als:
Aquaduin onderzoekt je aanvraag en beslist of er een tussenkomst mogelijk is.
Een aanvraag doen kan via de pagina Tussenkomst verborgen lek.
Een onverwacht hoge factuur wijst vaak op een lek in je binneninstallatie.
Controleer eerst zichtbare lekken, zoals een druppelende kraan, een doorlopend toilet of een lekkende boiler. Hou je meterstand enkele dagen in de gaten zonder waterverbruik. Blijft de teller lopen, dan is er mogelijk een verborgen lek. Neem contact op met een loodgieter en verwittig Aquaduin via het contactformulier.
Neen. Volgens het Algemeen Waterverkoopreglement is een toilet dat blijft doorlopen geen verborgen gebrek. Je wordt geacht dit zelf tijdig te kunnen opmerken. Daarom komt zo’n verbruik niet in aanmerking voor een tussenkomst.
Tijdens de bouwwerken - de minibinneninstallatie
De minibinneninstallatie wordt geplaatst vlak na de watermeter. De laatste stopkraan is verzegeld, maar u kunt al water nemen via de dubbeldienstkraan, zonder dat een verdere binneninstallatie moet geplaatst zijn. U beschikt dus meteen over water nadat de aftakking van het water werd uitgevoerd, zodat de bouwwerken verder afgewerkt kunnen worden. Later kan op de verzegelde stopkraan de binneninstallatie aangesloten worden.
Na de bouwwerken (indienststelling)
De binneninstallatie kan pas definitief in dienst gesteld worden na het ontvangen van een conform keuringsdossier. Aquaduin geeft u daarbij de goedkeuring tot het verbreken van het zegel. Wanneer het zegel zonder toestemming verbroken wordt, zal deze aangerekend worden volgens de tarieven die u terugvindt op de website.
Meer info ivm aftakkingen kan u vinden in het technisch reglement.
De rooilijn is de grens tussen privé-eigendom en openbaar domein, meestal de scheiding tussen jouw perceel en de openbare weg of stoep. Deze lijn bepaalt waar gebouwen, afsluitingen en andere constructies mogen worden geplaatst volgens de stedenbouwkundige regels.
Klik hier voor een schets met hierop de ligging van de rooilijn.
Wil je weten waar de rooilijn van jouw perceel ligt? Dan kun je dit opvragen bij de gemeente of inzien in het kadaster.
Aquaduin moet ten minste 6 weken voor de gewenste uitvoeringsdatum gecontacteerd worden.
Via het aanvraagformulier “nieuwe aftakking woning” zal er gevraagd worden om volgende documenten te uploaden:
Algemene richtlijn:
• Indien de grondslag afwatert naar het afwateringspunt → RWA (Infiltratie > afvoer RWA)
• Indien de grondslag afwatert weg van afwateringspunt → DWA
Ga na wat de hoofdfunctie van deze afvoer is en wat het meest hierin terecht zal komen. Rekening
houdend met 800 tot 1200 liter regenwater/m² > paar emmers poetswater.
Richtlijn: indien een afvoer voorzien is onder een overdekt terras (voor afvoer poetswater, en geen
hemelwater via helling niet-overdekte oppervlakte) dient deze aangesloten te worden op DWA.
Richtlijn: bij gemengd gebruik poetswater en afvoer terras dient de afvoer aangesloten te worden op
RWA (infiltratie > afvoer RWA).
Een dakterras kan beschouwd worden als een terras op het gelijkvloers. Het niet verontreinigde hemelwater afkomstig van het dakterras moet dus ook afgekoppeld worden. Je sluit dit deel van het hemelwater echter best niet aan op de hemelwaterput, aangezien een dakterras op geregelde basis schoongemaakt wordt. In vele gevallen is de vervuiling zo beperkt door de hoeveelheid hemelwater dat je kan uitgaan van het zelfreinigende vermogen van het milieu waarin het terecht komt.
Met reinigings- en onderhoudsmiddelen, pesticiden, e.d. moet je heel omzichtig omspringen, zeker als die met het hemelwater afgevoerd worden of op een individuele zuiveringsinstallatie terechtkomen. Je gebruikt beter biologisch afbreekbare producten.
Men spreekt pas van verontreinigd regenwater bij ingedeelde inrichtingen zoals bv. tankstations, carwash, … (zie VLAREM I voor ingedeelde inrichtingen). Hiervoor is vaak een milieuvergunning van toepassing waarin opgenomen is wat met deze afvalwaterstromen dient te gebeuren.
Meer informatie over aansluitingen RWA/DWA met fotovoorbeelden vindt u in het overzichtsdocument voor ontwerpers.
De keurder controleert of al het afvalwater op de DWA riolering is aangesloten.
Indien dat het geval is, is het CONFORM. Indien niet al het afvalwater is aangesloten op de DWA riolering, maar dit toch verplicht is in de omgevingsvergunning, is het NIET CONFORM.
Indien er afvalwaterstromen aangesloten zijn op de DWA riolering, maar dit niet mag volgens de omgevingsvergunning, is het NIET CONFORM.
Indien er geen lozing is op het openbaar rioolstelsel, dan is de keuring van de afvoer van het niet-huishoudelijk afvalwater niet van toepassing. Dit dient niet beoordeeld te worden door de keurder. Dit dient gecontroleerd te worden voor de dienst AMV of milieu-inspectie van VMM.
Dit betreft niet de afvoer van REGENwater waardoor deze aangesloten dient te worden op DWA. Gezien de beperkte verontreinigingsgraad wordt dergelijk afvalwater gedoogd op RWA.
De aansluiting van C.V. dient aangesloten te worden op DWA (zuur water) en mag niet op RWA aangesloten worden.
Afvalwater wordt in Vlarem gedefinieerd als verontreinigd water waarvan men zich ontdoet, zich moet ontdoen of de intentie heeft zich van te ontdoen, met uitzondering van niet-verontreinigd hemelwater.
Gesloten bebouwing met doorrit naar achter wordt beschouwd als open/halfopen bebouwing met oprit. Ook naar achter afwaterende daken e.d. dienen bijgevolg afgekoppeld te worden omdat je niet moet breken onder of door de woning om deze afkoppeling te verwezenlijken.
Indien de doorgang voor- en achteraan dicht is met volledig gesloten poorten (geen hekken), zodat we niet meer spreken over een doorgang, dan kan dit worden aanzien als ‘onderdeel van het gebouw’ en geldt de uitzondering op afkoppelen. Desalniettemin is het toch aangeraden om na te gaan of afkoppelen mogelijk is.
Als in collectief te optimaliseren gebied niet al het afvalwater (zwart + grijs) werd aangesloten op een voorbehandelingsinstallatie, wordt dit afgekeurd.
Volgens de Code goede praktijk riolering dient er een septische put geplaatst te zijn van minimum 3.000 liter (tot 5 IE).
U kan zich in regel stellen door alsnog het grijs afvalwater aan te sluiten op een septische put:
Het plaatsen van 2 aparte septische putten 1 voor grijs water en 1 voor zwart water kan ook initieel voorzien worden. Elke septische put dient steeds een minimum nuttig volume van 2.000 liter te hebben. Het is toegestaan om grijs water aan te sluiten op de 2e kamer van de septische put (indien 2 compartimenten).
GRIJS+ZWART
Een septische put “alle afvalwater” waarin zowel het grijs als het zwart water terecht komt, moet een minimum volume onder het watervlak hebben van 3000 liter (600 liter/IE vanaf meer dan 5 IE en 450 l vanaf 11 IE) volgens de Code van goede praktijk.
ZWART
Een septische put waarin enkel het (zwart) water van de WC’s terechtkomt moet een minimum volume onder het watervlak hebben van 2.000 liter (tot 10 IE 300 l/IE en vanaf 11 IE 225 l/IE).
De septische putten moeten sinds 2005 een CE-markering hebben volgens NBN EN 12566, het minimaal nuttig volume volgens de norm is 2000 liter.
Voor andere gebouwen (bv. kantoor, school, woonzorgcentrum,… ) worden de IE bepaald op basis van volgende tabel: IE bij gemengd gebruik
Berekening van de grootte van een septische put voor enkel zwart water voor 15 appartementen van maximaal 3 personen, totaal 45IE:
300L x 10 IE = 3.000L (eerste 10 IE)
225L x 35 IE = 7.875L (van 11IE)
TOTAAL = 10.875 L. dus een septische put voor zwart afvalwater met een minimum nuttige inhoud van 10.875 L te voorzien!
Het volledig appartement dient gekeurd te worden tot aan de rooilijn. Een deelkeuring bestaat niet.
Bij afkoppelingsprojecten gelden dezelfde regels, indien 1 appartement niet gescheiden afvoert, dan zullen de vloeistofstromen aangesloten op de aansluitputjes niet gescheiden zijn en wordt er een niet conform attest afgeleverd, waarop vermeld staat welk deel het probleem vormt. Wanneer alle verdiepingen of wooneenheden nagekeken zijn kan voor het geheel een attest afgeleverd worden.
De keuring van het niet-huishoudelijk afvalwater is beperkt volgens schema 2 van het MB keuring. De keuring betreft geen controle op de milieuvergunning.
De keurder controleert of al het afvalwater op de DWA riolering is aangesloten.
Indien dat het geval is, is het CONFORM. Indien niet al het afvalwater is aangesloten op de DWA riolering, maar dit toch verplicht is in de omgevingsvergunning, is het NIET CONFORM.
Indien er afvalwaterstromen aangesloten zijn op de DWA riolering, maar dit niet mag volgens de omgevingsvergunning, is het NIET CONFORM.
U kan hiervoor terecht op het geoloket van VMM.
Zie ook de toelichting bij de zoneringsplannen om te weten wat in welke zone vereist is inzake afvalwater.
Meer informatie over de zoneringsplannen en de bijhorende zuiveringsverplichtingen voor afvalwater vindt u ook in hoofdstuk 5 van de waterwegwijzer bouwen en verbouwen van VMM.
Als er bij bestaande gebouwen die niet afgekoppeld zijn een uitbreiding is van > of= 40 m² , dan dient de uitbreiding gescheiden af te voeren volgens de gewestelijke stedenbouwkundige verordening, de gescheiden afvoer beperkt zich enkel tot de uitbreiding. Volledige afkoppeling van het pand dient dan pas te gebeuren op het moment dat er een afkoppelingsproject is in de straat.
Wanneer de uitbreiding < 40m² dan dient de uitbreiding niet afgekoppeld te worden. Scheiden van afvalwater en regenwater wordt wel aangeraden.
Afkoppelen is niet verplicht indien je hiervoor moet breken onder of door de bestaande woning. (art. 6 GSV Hemelwater).
Dit is niet verplicht. De verkoper kan via de woningpas wel informatie delen met de koper bij de verkoop van een woning.
Voorlopig is er alleen een woningpas voor particuliere eigenaars.
Bij een woonentiteit in een meergezinswoning of bij een appartement is het niet altijd mogelijk om informatie aan de juiste wooneenheid (busnummer) te koppelen omdat de dienst Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën niet alle busnummers correct bijhoudt. Daarom is er de eerste fase voor een appartement of eenheid in een meergezinswoning niet altijd een woningpas beschikbaar.
Een specifieke keuring kan doorgaan, zelfs als nog niet alle toestellen geplaatst zijn.
Voor een basiskeuring gelden strengere voorwaarden:
Als er twee of meer toestellen ontbreken, kan de basiskeuring niet doorgaan. In dat geval is later een aanvullende keuring nodig voor de ontbrekende toestellen. De aanwezigheid van de watermeter is daarbij niet vereist.
Aquafin aanvaardt enkel septisch materiaal op de RWZI’s. In geen geval wordt ruimingsslib bv. van garages van vet- of zandvangers, van rioolkolken, onbehandeld afvalwater van industriële of agrarische oorsprong aanvaard. Aquafin en de ruimingsfirma’s maakten afspraken om de herkomst van het septisch materiaal te garanderen:
De ruimfirma moet een ruimingsattest afleveren aan elke gebruiker of eigenaar van een septische put. Dit attest geeft de gebruiker of de eigenaar van de put de garantie dat zijn septisch materiaal zal afgevoerd en behandeld worden zoals voorzien in de milieuwetgeving;
Het ruimingsattest dient ondertekend te zijn: hierdoor verklaart de gebruiker of eigenaar dat het geruimde materiaal uitsluitend afkomstig is van een septische put voor huishoudelijk afvalwater, toiletten en andere sanitaire voorzieningen.
Dit attest kan mogelijks opgevraagd worden door gemeente/rioolbeheerder/keurder.
Of je al dan niet verplicht bent om een septische put te plaatsen hangt van 2 factoren af.
Indien het pand zich in ‘collectief te optimaliseren buitengebied’ bevindt, is men verplicht een voorbehandelingsinstallate te plaatsen voor ALLE afvalwater. Het zwart + grijs afvalwater wordt dan best aangesloten op een septische put van 3.000 liter. Het is ook mogelijk om 2 aparte septische putten te plaatsen of een IBA.
Op gemeentelijk vlak kan men een septische put verplichten voor het fecaal water (WC 2.000 liter). Bekijk hiervoor de voorwaarden van de omgevingsvergunning, gemeentelijk reglement of aansluitreglement van de rioolbeheerder.
Het terras/inrit dient nog niet aangelegd te zijn op moment van keuring. Wel dienen de voorziene afvoeren reeds aanwezig te zijn.
Vaak is bij nieuwbouw het terras en de oprit nog niet aangelegd. Achteraf gebeuren nog veel foutieve aansluitingen hiermee. Het water afkomstig van terras/inrit kan best op natuurlijke wijze afvloeien. Indien u toch een afvoer voorziet dient deze aangesloten te worden op het RWA-circuit (best achter de regenwaterput).
Als men achteraan de woning ter hoogte van het terras een doorspoelputje geplaatst heeft (afvalwater, voor verstoppingen) mag de afwatering van het terras/inrit hier niet bij aangesloten worden!
Het zoneringsplan wordt door de VMM jaarlijks aangepast. Bijgevolg is dit plan niet altijd up-to-date.
Indien het pand volgens de zoneringsplannen van VMM ligt in collectief te optimaliseren buitengebied ligt en de straat is vernieuwd en u ziet dat er een gescheiden stelsel is, op straatniveau, dan kan u best contact opnemen met de rioolbeheerder om te vragen of dit gebied nu effectief collectief geoptimaliseerd is (dit wil zeggen dat het afvalwater naar een zuiveringsstation gevoerd wordt).
Als er een nieuwe verkaveling aangelegd wordt in collectief te optimaliseren buitengebied, is men verplicht het regenwater en afvalwater reeds te scheiden op straat maar het afvalwater is dan nog niet aangesloten op een RWZI (Aquafin). Hier blijven de regels gelden van ‘collectief te optimaliseren buitengebied’, namelijk de verplichte plaatsing van een voorbehandelingsinstallatie voor ALLE afvalwater (grijs+zwart).
Bij twijfel over de zonering dient u best contact op te nemen met de rioolbeheerder.
Een zeer belangrijk punt bij het ontwerp of heraanleg van de privériolering en bij plaatsing van (voor)behandelingsinstallaties is de verluchting. Bij de biologische afbraak (septische gisting of rotting) worden gassen gevormd (waaronder methaangas) die langs een verluchtingspijp moeten kunnen ontsnappen omdat de druk in de put anders te hoog zou oplopen. De verluchting moet ervoor zorgen dat de drukverschillen niet rechtstreeks inwerken op de reukafsluiters van sanitaire toestellen, zodat hun waterslot behouden blijft en geen geurhinder ontstaat. Aandacht dient specifiek geschonken aan volgende situaties:
Zie hiervoor de rubriek ‘meer info voor de burger‘ van Vlario.
Sommige regenwaterputfilters hebben een aparte afvoer. Aangezien het hier nog steeds gaat om de afvoer van regenwater dient deze aangesloten te worden op RWA (niet op afvalwater).
Drainagewater is RWA en mag niet aangesloten worden op de DWA (afvalwaterleiding). Dit water wordt best aangesloten na de hemelwaterput (niet erop) of rechtstreeks op een infiltratievoorziening en pas in laatste instantie rechtstreeks op het RWA huisaansluitputje/gracht.
Sinds 1 januari 2021 is een keuring verplicht in volgende gevallen:
Indien de keuring ‘niet conform’ is dienen er herstelmaatregelen uitgevoerd te worden binnen de hersteltermijn van 60 dagen en dient een herkeuring aangevraagd te worden.
De keuring vindt best plaats wanneer op openbaar domein de aansluitputjes geplaatst zijn en u de nodige werken uitgevoerd heeft op uw rioleringstelsel om het regenwater aan te koppelen op rwa toezichtsputje, en het afvalwater op het DWA toezichtsputje.
Alle aansluitpunten (toestellen zoals wc, lavabo,… moeten nog niet geplaatst zijn) zowel in de woning als daarbuiten moeten aanwezig zijn om een keuringsattest te mogen afleveren.
Om kosten te vermijden kan de keuring best plaatsvinden voor het aanbrengen van vloerisolatie of chape. Indien in zo’n vroeg stadium de fouten kunnen worden vastgesteld, is het veel gemakkelijker (en minder kostelijk) om dit te herstellen en in orde te brengen, dan wanneer deze problemen pas opgemerkt worden na het in gebruik stellen (afvoerproblemen + opbreken van vloeren, klinkers, aangelegde tuin, etc.).
Opgelet. Vaak is bij nieuwbouw het terras en de oprit nog niet aangelegd. Achteraf gebeuren nog veel foutieve aansluitingen hiermee. Het water afkomstig van terras/inrit kan best op natuurlijke wijze afvloeien. Indien u toch een afvoer voorziet dient deze aangesloten te worden op het RWA-circuit (best achter de regenwaterput).
Als men achteraan de woning ter hoogte van het terras een doorspoelputje geplaatst heeft (afvalwater, voor verstoppingen) mag de afwatering van het terras/inrit hier niet bij aangesloten worden!
In de technische toelichting van de code van goede praktijk wordt aanbevolen de septische put te ruimen als hij voor meer dan 70% gevuld is met septisch materiaal. Septisch materiaal moet afgevoerd worden naar een openbare waterzuiveringsinstallatie. Specifiek slib afkomstig van een vetafscheider, zetmeelafscheider, … moet afgevoerd naar een daarvoor erkende verwerker.
Dit zijn afkortingen die gebruikt worden voor het afvalwater- en regenwaterstelsel. Regenwater en afvalwater dienen namelijk van elkaar gescheiden te zijn. RWA staat voor regenwaterafvoer en DWA voor droogweerafvoer. Het is ook het opschrift dat je terug vindt op uw huisaansluitputjes om correct aan te sluiten.
Voor afvalwater is er altijd aansluitplicht als er riolering in de straat ligt, regenwater kan op eigen perceel infiltreren.
Alles wat van regenwater, drainagewater en grondwater afgevoerd wordt dient aangesloten te worden op het RWA-circuit. Voor de afvoer van regenwater dient de ladder van Lansink gevolgd te worden: eerst hergebruiken, dan infiltreren, of bufferen met vertraagde lozing en pas in laatste instantie afvoer naar het openbaar domein.
Op het rioleringsplan hebben de DWA-leidingen vaak een rode kleur en de RWA-leidingen een blauwe kleur. Het is aangeraden om de kleurcode toe te passen bij aanleg: grijze buizen voor RWA en roodbruine buizen voor DWA.
In het overzichtsdocument voor ontwerpers vindt u de correcte aansluitingen op RWA/DWA.
Dit is een keuring waarbij er een of meerdere nieuwe huisaansluitingen gemaakt werden.
De keuring heeft enkel betrekking op de afvoeren die aangesloten werden op de bijkomende aansluiting. Het is belangrijk dat het keuringsattest enkel wordt ingevuld op de te keuren afvoeren. De bestaande aansluitingen dienen niet gekeurd te worden. De keurder specifieert op het keuringsattest waarop de keuring wel (en/of niet) betrekking heeft.
Als men een nieuw losstaand gebouw bouwt op een perceel waar reeds andere gebouwen staan waarbij een bijkomende aansluiting aangevraagd werd, is dit ook een keuring volgens het type ‘bijkomende aansluiting’ (niet type nieuwbouw/herbouw).
Een uitbreiding bij een gebouw maar waarvoor een nieuwe aansluiting wordt aangevraagd, is een keuring bijkomende aansluiting.
Indien een aansluiting verplaatst wordt, valt dit ook onder de keuring van een nieuwe aansluiting.
Indien men een nieuwe aansluiting maakt voor een regenwaterpijp aan de gevel waarbij de rooilijn gelijk is aan de bouwlijn, is een keuring niet verplicht. Hier wordt vaak rechtstreeks aangesloten op de riolering via het trottoir en er wordt vaak geen huisaansluitput voorzien.
Voor een keuring type nieuwe bijkomende aansluiting zal het schema 3b in het Ministerieel Besluit keuring doorverwijzen naar de regels van een keuring nieuwbouw/herbouw (GSV Hemelwater wordt dan ook gecontroleerd) of afkoppeling voor de controle op scheiding regenwater en afvalwater (als scheiding verplicht is).
Als nieuwbouw wordt beschouwd:
Als herbouw wordt beschouwd: een constructie volledig afbreken, of méér dan veertig procent van de buitenmuren van een constructie afbreken, en binnen het bestaande bouwvolume van de geheel of gedeeltelijk afgebroken constructie een nieuwe constructie bouwen.
Als men een nieuw losstaand gebouw bouwt op een perceel waar reeds andere gebouwen staan waarbij ook een bijkomende aansluiting aangevraagd werd, is dit een keuring volgens het type ‘bijkomende aansluiting’.
De rioolbeheerder is verantwoordelijk voor de organisatie van de keuring. Op de website van Aquaflanders is een lijst beschikbaar met erkende keurders.
De binneninstallatie omvat alle leidingen, kranen en toestellen die waterverbruik in je woning. Een toilet, waterontharder of veiligheidsgroep van de boiler/verwarmingsketel ligt in veel gevallen aan de oorzaak van een lek/verlies.
Als je een lek hebt maar je kreeg hiervan geen melding kan dit om verschillende redenen.
Om alarmmeldingen te ontvangen moeten we over je e-mailadres en/of gsm-nummer beschikken. Controleer je e-mailadres op eventuele schrijffouten.
Kijk in je inbox of de berichten niet in de map “Ongewenste mail” of “Spam” terecht gekomen is. Markeer het e-mailadres als een veilige afzender zodat de mails in de toekomst wel gewoon in je inbox komen.
In kelders met veel (gewapend) beton kan het gebeuren dat we de meterstand niet binnenkrijgen. Controleer online of je het dagelijkse verbruik kan zien.
Een alarm “Elk uur verbruik” wordt pas actief als er elk uur meer dan 2,5 liter gedurende 24 uur. Het kan zijn dat het verlies slechts 2 liter per uur is waardoor geen alarmmelding verstuurd wordt.
Alle alarmen, verbruiken en instellingen kan je vinden via "Mijn Aquaduin".
Een alarmmelding “Maximum debiet hoger dan …” wijst er op dat de snelheid van het water tijdelijk hoog was. Er was dus een piek in de afname van water, U heeft dus niet effectief zoveel water verbruikt. Dit kan bv. voorkomen wanneer er verschillende kranen samen worden opengezet of als verschillende toestellen op hetzelfde moment water nemen. Indien nodig kan u de alarmwaarde wat verhogen in de instellingen in “Mijn Aquaduin”. -> Link naar instellingen alarmen in E-loket
Daarnaast kan het natuurlijk ook zijn dat door een leidingbreuk er heel wat water blijft weglopen. In dat geval is het beter om een loodgieter te contacteren en in afwachting de hoofdkraan dicht te draaien.
Bekijk over welk type alarm het gaat in het overzicht van de alarmmeldingen.
Controleer de verschillende toestellen zoals kranen, toiletten, waterontharder, veiligheidsgroep van de boiler op lekken. Contacteer een loodgieter als je het verlies niet kan vinden en draai in afwachting de hoofkraan dicht.
Dit alarm werd verstuurd omdat de temperatuur lager dan de ingestelde waarde is gekomen. Isoleer de watermeter en/of verwarm de ruimte waarin de watermeter staat.
Let op: Als de watermeter bevriest en hierdoor beschadigd raakt, zijn de herstelkosten voor de klant.
Een alarm “Elk uur verbruik” wijst erop dat er elk uur iets van verbruik is geweest, terwijl het alarm “Minimum debiet hoger dan…” erop wijst dat er continue water is blijven lopen.
Een alarm “Elk uur verbruik” zonder een alarm “Minimum debiet hoger dan…” kan dus enkel voorkomen als er een toestel die af en toe wat water verliest, zoals een toilet of de veiligheidsgroep van een boiler. In dit geval gaat het dus vermoedelijk niet om een ondergrondse leidingbreuk, want dan zou het alarm niet stoppen.
Contacteer een loodgieter of cv-installateur om het lek op te sporen.
Via “Mijn Aquaduin” kan je het verbruik en de alarmen opvolgen. Aangezien de watermeter slechts 1 keer per dag zijn gegevens doorstuurt kan het gebeuren dat een alarm reeds gestopt is maar dat dit nog niet online zichtbaar is (het kan dus 24 uur duren voor dit zichtbaar wordt).
Daarom kan het interessant zijn om de lekcheck te doen:
Stap 1: Voer de test uit wanneer er in uw woning een tijdje geen water wordt verbruikt, bijvoorbeeld wanneer u gaat slapen.
Stap 2: Neem een foto van de watermeter of schrijf de meterstand op.
Stap 3: Gebruik die nacht geen toestellen die water verbruiken, bijvoorbeeld de wasmachine of vaatwasmachine. Spoel die nacht ook geen toiletten door.
Stap 4: Neem ’s morgens opnieuw een foto van de watermeter of schrijf opnieuw de meterstand op, vóór u opnieuw water gebruikt.
Stap 5: Vergelijk de twee meterstanden met elkaar. Zijn de laatste cijfers veranderd? Dan heeft u wellicht een lek.
Opgelet: wanneer het alarm actief blijft zal u geen nieuwe melding via e-mail/sms ontvangen!
Contacteer Aquaduin als de watermeters gewisseld lijken. Een technieker zal dan langskomen en testen of de tellers daadwerkelijk gewisseld zijn. Als de tellers gewisseld zijn zal onze administratieve dienst van Aquaduin de nodige facturen corrigeren.
Het is helaas niet mogelijk om de watermeter te koppelen aan de P1-poort van de elektriciteitsmeter of aan domoticasystemen. Momenteel kunnen de verbruiksgegevens enkel worden geraadpleegd via MijnAquaduin.
Om het waterverbruik live op te volgen hebben we momenteel weet van volgende 2 systemen:
Nee, de watermeter stuurt slechts 1 keer per dag zijn gegevens door. Het is dus niet mogelijk om live de gegevens uit te lezen.
Watermeters in een woning staan meestal in een kelder, garage of tellerput. In een appartement staan deze meestal in een gemeenschappelijk tellerlokaal of in een kast per verdieping. De watermeter bevindt zich doorgaans aan de straatkant.
Kijk op de waterfactuur welk watermeternummer je hebt en ga in het tellerlokaal op zoek naar het overeenkomstige nummer.